Werkstress? Stop met symptoombestrijding!

werkstressDe aanpak van werkstress schiet tekort. We bestrijden liever symptomen dan dat we ons afvragen waarom 1 miljoen Nederlanders met burn-outklachten kampt.

Werkstress is beroepsziekte nummer één. Ruim een derde van het verzuim wordt veroorzaakt door stress. In 2007 had nog 11% van de werknemers burn-out, maar inmiddels is dat al 14%.

Daarom organiseert de overheid jaarlijks de Week van de Werkstress. In deze themaweek vinden overal in het land activiteiten plaats: er zijn voorlichtingsbijeenkomsten, presentaties, inloopspreekuren, ‘check je werkstress’-tests, trainingen, sportmomenten en meditatielessen. Elk jaar doet een flink aantal bedrijven eraan mee.

Tijdens de week horen werknemers dat ze vaker moeten ontspannen, gezonder moeten eten, meer moeten bewegen, tijdig aan de bel moeten trekken wanneer ze stress voelen en dat ze hun werk efficiënter moeten organiseren.

Een doekje voor het bloeden

Een hoop open deuren dus, die ongetwijfeld wat bijdragen aan het beperken van stress. Maar de oorzaken van stress nemen ze niet weg. En dus ziet het ernaar uit dat de werkstress de komende jaren alleen maar gaat toenemen.

Dat is typerend voor deze tijd: we bestrijden liever symptomen dan dat we ons afvragen waarom ruim 1 miljoen Nederlanders met burn-outklachten kampt.

Ik kom dat wel vaker tegen, helaas. Regelmatig ontvang ik berichtjes van (hoogsensitieve) werknemers: ‘Ik zit tegen een burn-out aan. Kun je me tips geven om wat minder stress te hebben?’ Ze geloven dat ze met een paar tips en trucs hun overspannen gevoel kunnen terugschroeven.

Natuurlijk antwoord ik deze mensen altijd met een paar bemoedigende woorden, maar tips geef ik nooit. Die heb ik namelijk niet. Geen effectieve tips, tenminste. Ik kan wel zeggen dat ze in het vervolg ‘oordopjes in drukke ruimtes moeten dragen’ of ‘vaker pauze moeten nemen’, maar dat volstaat echt niet om werkstress te voorkomen.

Zulke tips zijn niet meer dan symptoombestrijding, cosmetische oplossingen, een doekje voor het bloeden.

Werknemer kan het niet alleen oplossen

Oorzaken van werkstress zijn onder meer werkdruk, baanonzekerheid, conflicten, pesterijen, gebrek aan erkenning, gebrek aan autonomie, hectische werkomgevingen of een verstoorde werk-privébalans. Dat zijn zaken die de werknemer echt niet in zijn eentje kan oplossen, hoe graag die dat ook zou willen.

Daar ligt precies het probleem: we zijn gaan geloven dat de individuele werknemer zelf verantwoordelijk is voor stress.

De hoogleraar klinische psychologie Paul Verhaeghe schat dat 90% van de stress voortkomt uit factoren als een gebrek aan autonomie en erkenning. ‘Toch behandelen we burn-outs als het probleem van een individu‘, zegt hij in een interview. ‘We zetten die mensen thuis tot ze beter zijn en dan voeren we ze gewoon terug in het systeem in, zonder dat we het systeem in vraag stellen.’

Ook hoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie Fred Zijlstra zet vraagtekens bij de huidige aanpak van werkstress: ‘De oplossing is gericht op het individu en niet op de structurele oorzaak. De werkgever gooit daarmee zijn probleem over de schutting van de werknemer.’

Je kunt dus wel in gesprek gaan met de werkgever (zoals De Week van de Werkstress adviseert), maar die moet dan wel voor zo’n gesprek openstaan en bereid zijn om veranderingen in de organisatie door te voeren. En dat is lang niet altijd het geval. Het probleem ligt immers bij de werknemer, zo is de gedachte.

Daardoor denken mensen dat er iets mis met ze is, dat ze disfunctionele werknemers zijn in een perfect functionerend systeem. En dat zíj dus moeten veranderen.

Maar het systeem is heus niet zo feilloos als wordt gedacht. Zijlstra: ‘Mensen worden gezien als productiefactor; continu streven we naar maximale inzetbaarheid van het individu. Daardoor werken we in een mentale survivor-economie waar het recht van de sterksten geldt. Je wordt net zo lang gepusht, totdat je de druk niet langer aankan en afvalt.’

Werkgevers zouden dus een veel grotere rol moeten spelen in het voorkomen van werkstress dan ze nu doen. En ook de politiek, vindt Zijlstra: ‘Zoals we zuinig zijn op het milieu, moeten we ook zuinig zijn op onze mensen. Het perspectief is permanente uitputting.’

Kanaries in de kolenmijn

Werkgevers, werknemers en politiek zullen dus samen naar structurele oplossingen moeten zoeken. Hoogsensitieve werknemers kunnen, in mijn optiek, een signaalfunctie in deze onderneming krijgen.

Onderzoek (Aron 2012) toont namelijk aan dat hoogsensitieve personen sterker reageren op positieve en negatieve ervaringen. In een slechte omgeving zullen zij de eersten zijn die problemen ondervinden, maar in een goede omgeving zullen ze meer dan wie ook opbloeien.

Wetenschappers van de Vrije Universiteit Brussel trokken onlangs dezelfde conclusie. Uit een onderzoek bij meer dan 2000 volwassenen zagen ze dat hoogsensitieve personen extra kwetsbaar zijn voor stressgerelateerde problemen, maar alleen in een negatieve omgeving. Bovendien bleek dit bij niet-hoogsensitieve personen níet het geval te zijn (Van Hoof 2016).

Werkgevers kunnen hun hoogsensitieve werknemers dus inzetten als ‘kanaries in de kolenmijn’: gevoelige meetinstrumenten waarmee zij checken of alles in de organisatie in orde is.

Ervaart een hoogsensitieve medewerker stress, dan is de kans zeer groot dat er op termijn meer werknemers spanning gaan ervaren. En wanneer de hoogsensitieve medewerker uitstekend functioneert, geeft dat aan dat de omgeving voor alle werknemers gezond is. Door tijdig en serieus te luisteren naar de feedback van hoogsensitieve werknemers kunnen organisaties zichzelf dus een hoop geld en ellende besparen.

Werkstress is een dure grap

Een dure grap is werkstress zeker. Met een burn-out zit je gemiddeld 180 dagen thuis en een zieke werknemer kost per dag zo’n 250 euro. Door de manier waarop de huidige arbeidsmarkt is ingericht verliezen we dus onnodig zo’n 4,5 miljard euro per jaar.

Ik vraag me af of in dat bedrag ook de kosten van voorlichtingscampagnes zijn meegenomen. Want zolang symptoombestrijding de boventoon voert, zullen we vast nog heel wat (dure) Weken van de Werkstress tegemoet gaan.

Lees ook:

Pieter Offermans (1982) is auteur, blogger en hoogsensitief werknemer. Hij voltooide een letterenstudie aan de Radboud Universiteit en heeft sindsdien in diverse organisaties gewerkt. In zijn boek De Hoogsensitieve Werknemer laat hij op een nuchtere en praktische manier zien hoe organisaties hun hoogsensitieve medewerkers optimaal kunnen inzetten.

Deel dit bericht:Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Email this to someone